17-02-08

Mikhail Bulgakov, Notes Off the Cuff.

Dit is een autobiografisch kortverhaal in twee delen. Het begint heel hectisch: een uitgever van de niet meer bestaande krant Russkoye Slovo stormt binnen, rukt een telegram van een bureau, en begint aantekeningen te maken. Daarna stormt hij weer buiten. De verteller wil hem achterna lopen, maar hij kan de energie niet opbrengen. Hij heeft reeds twee dagen hoge koorts en vreest voor typhus; de uitgever is wellicht een spook uit een koortsdroom. Dan bedenkt een bevriende dichter dat ze best een Kunsten Subsectie kunnen oprichten en ervoor zorgen dat de verteller hoofd van de afdeling Literatuur wordt. Zo gezegd, zo gedaan. Aanvankelijk is de afdeling een succes (er wordt zelfs betaald voor het geleverde werk!), tot op een dag de Subsectie gereorganiseerd wordt en een nieuwe chef arriveert. De verteller besluit naar Moskou te vertrekken. Daar herhaalt zich het verhaal: hij krijgt een baantje bij de afdeling Literatuur, maar uiteindelijk overwinnen de bureaucraten en worden de kunstenaars eruit gegooid. "Moscow's terrible in periods of staff reductions and weather like that. Yes sir, that was a reduction allright. People being sacked in other parts of that awful building too. But not Madame Kritskaya, Lidochka or the sealskin hat."

Michail Boelgakov is één van mijn favoriete Russische schrijvers. Notes Off the Cuff (in het Nederlands Aantekeningen op de manchetten) hoort thuis in het rijtje van zijn satirische werken. Boelgakov beschrijft de electrische atmosfeer van het begin van de jaren 20, toen alles nog mogelijk was (het was de periode van de Nieuwe Economische Politiek, de NEP). Toch slagen de bureaucraten er telkens weer in de overhand te krijgen, en Boelgakov steekt in dit verhaal de draak met dergelijke kantoor-intriges. De toon van het verhaal is heel gejaagd. De gedachten volgen elkaar in een snel tempo, terwijl de verteller associeert. Een voorbeeld: "Late one hungry evening, I wade through puddles in the dark. Everything's boarded up. My feet are in tattered socks and battered shoes. There is no sky. In its place hangs a huge foot-binding. Drunk with despair, I mutter: "Alexander Pushkin. Lumen coelum. Sancta rosa. And his threats ring out like thunder." Am I going mad? A shadow runs from the street lamp." Dat zijn de hallucinaties van een hongerlijder. Boelgakov verwijst in de tekst zelf naar de Noor Knut Hamsun, die een heel boek over dat onderwerp schreef, Honger). Voor het overige wordt ook de literaire scene op de korrel genomen (I'm top man after Gorky). Kortom, een leuk verhaal waarin Boelgakov zich eens goed laat gaan. Dat een dergelijk tekst (waarin onder andere openlijk over honger wordt gesproken) kon verschijnen, toont aan dat de NEP een "liberale" periode was. Onder Stalin is het uit met dergelijke verhalen. Voor zover ik weet is het verhaal nooit in het Nederlands verschenen. De Engelse tekst kan je hier in PDF vinden.

Mikhail Bulgakov, Notes Off the Cuff. Oorspronkelijke titel: Zapiski na manchetach. Raduga, Moskou, 1990. 32 blz.

12:32 Gepost door Marko Ramius in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: russische literatuur, kortverhaal |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.